Ethiek en ethische thema’s
-
Abortus provocatus
In Nederland is zwangerschapsonderbreking (abortus provocatus) wettelijk toegestaan tot 24 weken zwangerschap. In de praktijk ligt de grens bij ongeveer 21 weken. Dat komt doordat een foetus al op jongere leeftijd levensvatbaar is.
-
Bevolkingsonderzoeken
Een bevolkingsonderzoek – screening – is een geneeskundig onderzoek van personen, dat wordt aangeboden aan (grote delen van) de bevolking en gericht is op de vroegtijdige opsporing van ziekten of van risico-indicatoren.
-
Claimend en agressief gedrag
Door claimend gedrag maakt de zorgvrager op dwingende wijze kenbaar, dat hij ‘recht’ meent te hebben op een bepaalde zorgactiviteit. Deze aanspraak op zorg is niet in juridische zin bedoeld, maar als een vorm van dwingen om de zorgverlening zo te krijgen als de zorgvrager het hebben wil.
-
De maakbare mens
Wetenschappelijke en technologische ontwikkelingen bieden mogelijkheden om de gezonde mens te perfectioneren. Ook de gezondheidszorg krijgt in toenemende mate te maken met deze mogelijkheden. In de medische ethiek wordt dit thema aangeduid met enhancement.
-
Dilemma’s in de jeugdzorg
Jeugdzorg kan gedefinieerd worden als “de ondersteuning van en hulp aan jeugdigen en hun ouders bij opgroei- en opvoedingsproblemen van geestelijke, sociale of pedagogische aard die de ontwikkeling naar volwassenheid belemmeren” (NJI Jeugdthesaurus). Meestal gaat opgroeien en opvoeden goed, maar bij een deel (zo’n 5 % in ernstige en 15% in minder ernstige mate) van de kinderen en gezinnen stapelen de problemen zich op waardoor ondersteuning vanuit jeugdzorg nodig is.
-
Dilemma’s van verpleegkundigen en verzorgenden
Verpleegkundigen en verzorgenden kunnen hun werk niet gemakkelijk ‘goed’ doen. Want wat is goede zorg en wie bepaalt dat? Hoe het ook uitpakt, het zorgresultaat is een samenspel van zorgbehoefte, vakkennis en beroepshouding, (overheids)beleid en organisatie (productienormen), interne en externe samenwerking, en zeker ook patiënten of cliëntenparticipatie.
-
Dwang en drang in de zorg
Het onderscheid tussen dwang en drang ligt in de mate van keuzevrijheid die de patiënt/cliënt nog heeft. Moreel problematisch aan drang en dwang is dat het de autonomie van de patiënt/cliënt kan schaden. Mogelijke rechtvaardigingen van drang en dwang zijn gelegen in het voorkomen van schade aan anderen of zichzelf.
-
Economisering van zorg en beroepsethiek
Met economisering van zorg wordt bedoeld dat economische motieven en belangen dominanter worden in de organisatie en uitvoering van de zorg. Denk bijvoorbeeld aan meer marktwerking, verzakelijking van de bedrijfsvoering of het toelaten van zorg met winstoogmerk.
-
Eigen verantwoordelijkheid voor gezond gedrag
Eigen verantwoordelijkheid betekent dat mensen zich rekenschap geven van de keuzen die ze maken én van de consequenties van die keuzen voor zichzelf en voor anderen. Bij eigen verantwoordelijkheid voor gezond gedrag gaat het om het in stand houden en bevorderen van de eigen gezondheid en het voorkomen van ziekte. Denk hierbij aan een gezonde leefstijl, zoals gezonde voeding, voldoende beweging en veiligheidsmaatregelen.
-
Ethiek in commissies
Rondom ethiek in commissies kan er gemakkelijk verwarring ontstaan, omdat er verschillende typen commissies zijn: Erkende Medisch Ethische Toetsingscommissies (METC), CCMO – Centrale Commissie Mensgebonden Onderzoek en Ethische commissies.
-
Ethiek van preventie
Preventie wordt vaak gerechtvaardigd met een beroep op gezondheidswinst. Maar naast gezondheid zijn er ook andere zwaarwegende individuele en maatschappelijke waarden en belangen. Voorbeelden zijn de vrijheid om te leven zoals je wilt (zelfs als dat gevaarlijk of ongezond is), onderwijs, werkgelegenheid.
-
Euthanasie
Euthanasie is levensbeëindiging door een arts op verzoek van de patiënt met het doel een einde te maken aan uitzichtloos en ondraaglijk lijden van de patiënt. Ook hulp bij zelfdoding valt hieronder. In het eerste geval dient de arts het dodelijke middel toe, in het tweede geval verschaft de arts de medicatie, die de patiënt vervolgens inneemt.
-
Gebruik medische persoonsgegevens
Persoonsgegevens over de gezondheid mogen in principe alleen door behandelende hulpverleners binnen instellingen in de gezondheidszorg worden verwerkt. Hulpverleners mogen persoonlijke gegevens alleen doorgeven aan derden, als daarvoor toestemming is gegeven door de cliënt zelf.
-
Gebruik van lichaamsmateriaal
Onder lichaamsmateriaal wordt verstaan: alle van het menselijk lichaam afgescheiden bestanddelen en foetaal materiaal, zoals een haar, mondslijmvlies of een orgaan.
-
Geneesmiddelen(onderzoek) bij kinderen
Er is nog weinig bekend over de effecten van geneesmiddelen op kinderen. Kinderen worden vaak behandeld als ‘kleine volwassenen’ als het gaat om het toedienen van medicijnen. Hier kleven nogal wat bezwaren aan.
-
Gezondheidszorg op TV
Bij de patiënt in beeld zijn er diverse actoren met mogelijk verschillende belangen. De zorginstelling wil een goede presentatie van zichzelf, de zendgemachtigde en de producent willen hoge kijkcijfers, en mee betalende patiëntenverenigingen willen aandacht voor ‘hun’ ziekte. Dit kan tot een aantal spanningen leiden bij de productie en de uitzending.
-
Informed consent
Voor medische behandeling of deelname aan (medisch-)wetenschappelijk onderzoek moet een patiënt zijn of haar toestemming geven. De patiënt behoort dan wel adequaat geïnformeerd te zijn over bijvoorbeeld risico’s en belasting van een behandeling. Deze op informatie gebaseerde toestemming wordt informed consent genoemd.
-
Interculturalisatie van de gezondheidszorg
De toename van etnische- en culturele diversiteit in de bevolkingsamenstelling is ook merkbaar in de gezondheidszorg. Niet alleen in omvang, maar ook in verscheidenheid neemt het aantal allochtone hulpvragers toe.
-
Mantelzorg
Mantelzorg is zorg die wordt gegeven aan hulpbehoevenden door een of meer leden uit hun directe omgeving, waarbij de zorgverlening rechtstreeks voortvloeit uit de sociale relatie. Meestal zijn het familieleden, soms ook buren of vrienden.
-
Medisch beroepsgeheim
Het medisch beroepsgeheim omvat de zwijgplicht en het verschoningsrecht. De zwijgplicht geldt voor alle medische beroepsbeoefenaren ten opzichte van iedereen. Voor medewerkers die wel bij de hulpverlening betrokken zijn, maar niet vanwege hun eigen beroep een beroepsgeheim hebben (zoals assistenten en secretaresses), geldt een van de arts afgeleid beroepsgeheim.
-
Medisch-wetenschappelijk onderzoek met mensen
Personen, al dan niet patiënt, kunnen deelnemen aan medisch-wetenschappelijk onderzoek. Doel en aard van het onderzoek kan heel verschillend zijn. Proefpersonen die hieraan deelnemen zijn door middel van strikte regelgeving beschermd.
-
Medische ethiek
Zolang de geneeskunde bestaat, zo oud is de medische ethiek: het nadenken over wat goed medisch handelen is. De wortels van de medische ethiek liggen dan ook in het oude Griekenland, waar Hippocrates de basis legde voor de westerse geneeskunde.
-
Moreel beraad
Een moreel beraad is een gestructureerd en methodisch groepsgesprek over een morele vraag naar aanleiding van een concrete ervaring. Een moreel beraad kan het beste als een dialoog (in tegenstelling tot discussie of debat) of onderzoek gekenschetst worden.
-
Neonatale screening
Neonatale screening is medisch onderzoek naar ziekten of risico-indicatoren bij pasgeborenen dat standaard wordt aangeboden.
-
Orgaandonatie
Orgaandonatie is het ter beschikking stellen van organen voor transplantatie ten behoeve van een patiënt met een slecht of geheel niet meer functionerend orgaan. Organen die in aanmerking komen voor transplantatie zijn onder andere hart, nieren, longen, alvleesklier en lever, maar ook weefsels komen in aanmerking, zoals huid, hoornvlies en bot.
-
Palliatieve zorg
Palliatieve zorg wordt wel als synoniem gebruikt voor terminale zorg, maar is toch niet hetzelfde: terminale zorg wordt enkele weken of dagen voorafgaand aan het sterven gegeven, terwijl palliatieve zorg een paar jaar kan duren.
-
Relatie hulpvrager - hulpverlener
Een hulpvrager bevindt zich in een kwetsbare positie, omdat hij of zij afhankelijk is van de kennis en mogelijkheden van de hulpverlener. Ook vertrouwen is een belangrijk element in een zorgrelatie. Geheimhoudingsplicht van de hulpverlener en een goede communicatie bevorderen de vertrouwensrelatie.
-
Stamcellen
Een stamcel is een cel die langdurig in staat is zich te vermeerderen. Bovendien kan een stamcel uitgroeien tot gespecialiseerde celtypen, zoals een spier- of een levercel.
-
Telezorg in de thuiszorg
Telezorg of zorg op afstand is zorg waarbij zorgontvanger en zorgverlener zich niet op dezelfde plek bevinden. Telezorg is mogelijk door de inzet van informatie- en communicatietechnologie (ict), denk aan ict-middelen als on line monitoring met webcam, sensoren voor lichaamsfuncties, chat of bellen al dan niet met webcam.
-
Toepassing en gebruik van foetaal weefsel
Foetaal weefsel is volgens de wet: bestanddelen die deel uitmaken van een na een zwangerschap van minder dan vierentwintig weken ter wereld gekomen, niet meer in leven zijnde menselijke vrucht of van delen daarvan.
-
Verpleeghuisgeneeskunde
Nederland telt ongeveer 345 verpleeghuizen. De mensen die daar komen, hebben een multidisciplinaire behandeling, complexe zorg en revalidatie nodig die zij thuis of in een verzorgingshuis niet (voldoende) kunnen ontvangen. De doelgroep van verpleeghuizen zijn kwetsbare ouderen en mensen met complexe zorgvragen.
-
Verpleegkundige ethiek
De laatste decennia is de aandacht voor ‘verpleegkundige ethiek’ enorm toegenomen.
-
Voedingsmiddelen met gezondheidsclaims
Gezonde producten staan in de belangstelling. Ook is er steeds meer aandacht voor voeding met toegevoegde ‘bioactieve stoffen’ en micro-organismen. Omdat deze producten claimen de gezondheid te bevorderen worden ze voedingsmiddelen met gezondheidsclaims genoemd. De verwachting is dat het aanbod van deze voedingsmiddelen de komende jaren zal toenemen.
-
Voorspellende geneeskunde
Voorspellende (‘predictieve’) geneeskunde is er op gericht de kans aan te geven dat iemand op termijn een bepaalde ziekte of aandoening krijgt, of ook de kans dat een paar een kind krijgt met een bepaalde aandoening. Tijdige informatie daarover kan behandeling of preventie mogelijk maken of anderszins zinvolle handelingsopties verschaffen aan de betrokkenen.
-
Voortplantingsgeneeskunde
Een paar met een vruchtbaarheidsprobleem kan baat hebben bij voortplantingstechnologieën. Zo kan kunstmatige inseminatie (KI) worden toegepast bij een verminderde kwaliteit van het zaad. Het zaad wordt in de schede of in de baarmoeder geïnsemineerd, waarna de bevruchting op natuurlijke wijze plaatsvindt.
-
Wils(on)bekwaamheid
Wils(on)bekwaamheid heeft te maken met het besluitvormingsvermogen van de patiënt. De centrale vraag is: heeft de patiënt de vermogens die nodig zijn om een bepaalde beslissing te nemen, bijvoorbeeld over zijn behandeling of over deelname aan wetenschappelijk onderzoek?
-
Zorgmanagement en ethiek
Morele vragen in de gezondheidszorg beperken zich niet tot het microniveau (de directe en individuele hulpverlening), maar worden in toenemende mate onderkend op het mesoniveau (de zorginstellingen en –organisaties). Bij ’zorgmanagement en ethiek’ gaat het om morele vragen op dit mesoniveau.