Ethiek van preventie
Preventie wordt vaak gerechtvaardigd met een beroep op gezondheidswinst. Maar naast gezondheid zijn er ook andere zwaarwegende individuele en maatschappelijke waarden en belangen. Voorbeelden zijn de vrijheid om te leven zoals je wilt (zelfs als dat gevaarlijk of ongezond is), onderwijs, werkgelegenheid.
Ethische vragen rond gezondheid, ziekte en preventie zijn van belang, omdat gezondheid niet de enig belangrijke waarde is in een mensenleven.
Daarbij hechten mensen niet steeds dezelfde waarde en betekenis aan hun gezondheid. Ook verschuift dit in de tijd. In een samenleving bestaan dus verschillende visies op gezondheid en ziekte. En er zijn verschillende politieke en economische voorkeuren. Deze verschillen spelen allemaal een rol in het omgaan met ziekte en gezondheid, in het voorkomen van ziekte en het bevorderen van gezond gedrag.
In de ethiek van preventie draait het om de vraag: wat is goed preventief handelen? Weegt de gezondheidswinst op tegen de effecten op andere terreinen? Ethiek van preventie gaat uiteindelijk over de plaats die preventie heeft in ‘het goede leven’, een goede maatschappij, en hoe burgers, professionals en overheden daarnaar moeten streven.
Ethische kwesties
- Moeten mensen niet zelf weten hoe ze leven, ook als dat ongezond is of lijkt, en is gezondheid niet meer dan BMI, cholesterol en calorie?
- Het effect van preventie komt pas (veel) later en blijft een kwestie van kans. Kunnen en willen mensen hun huidige leven zo verbinden met een altijd onzekere toekomst?
- Wordt gezondheid niet te vaak voorgesteld als beheersbaar, en is ziek worden dan je eigen schuld? Is een risicoloze samenleving mogelijk en gewenst?
- Op wie of wat moet preventie inzetten? Op wie dat wil, op de grootste totale gezondheidswinst, op mensen in achterstand, of op een gelijke gezondheid voor allen?
- Hoe passen preventiedoelen bij de eigen doelen van school en werk? Hoe kan preventie daar recht doen aan verschillen rond gezondheid, preventie en het goede leven?